28 dec 2018

Steden voeren praktijktesten in, waar blijft Homans?

Op 1 januari is het zover. Dan treedt het nieuwe Vlaamse huurdecreet dat de afspraken regelt tussen huurders en verhuurders in werking. Zowel huurders als verhuurders zullen de impact van dit decreet voelen. Praktijktesten worden niet opgenomen in de huurwet. Dat is een enorme gemiste kans, en staat haaks op de politieke initiatieven in heel wat steden. Daarnaast wordt ook de huurwaarborg verhoogd van twee naar drie maanden. Voor veel Vlamingen in armoede is dat een enorm obstakel voor een degelijk dak boven het hoofd. Het pronkstuk van minister van wonen Homans is op die manier een vergiftigd geschenk voor de huurmarkt.

Het is zeker niet alleen een negatief verhaal. In de toekomst worden onder andere cash-huurwaarborgen zwaar ontraden, worden negenjarige huurcontracten aangemoedigd en is de verantwoordelijkheid inzake huurherstellingen veel duidelijker geformuleerd dan nu het geval is. Allemaal goeie maatregelen, maar het neemt niet weg dat dit huurdecreet een gemiste kans is voor heel veel Vlamingen.

Want het nieuwe huurdecreet biedt geen oplossing voor het prangende probleem van discriminatie op de huurmarkt. Zo werd de mogelijkheid tot praktijktesten niet opgenomen in het decreet. Wel is er artikel 7 dat stelt dat een verhuurder aan een kandidaat-huurder alleen de documenten mag opvragen die noodzakelijk zijn om na te gaan of de kandidaat-huurder aan zijn verplichtingen zal voldoen. Maar hoe die verplichting wordt nagegaan, of welke sancties er staan op de schending ervan, worden totaal niet bepaald in het decreet. Dit zorgt ervoor dat de afdwingbaarheid beperkt blijft.

Dat praktijktesten niet werden opgenomen in deze huurwet is eigenlijk onbegrijpelijk. De wetenschappelijke onderzoeken rond discriminatie zijn duidelijk, zoals de meest recente studie van professor Pieter-Paul Verhaeghe. De studie toont aan dat er nog amper discriminatie wordt vastgesteld in de eerste fase van het verhuurproces na het invoeren van praktijktesten.

Bovendien toont het aan dat het Vlaamse anti-discriminatie beleid heel wat trager evolueert dan het beleid van onze Vlaamse steden en gemeenten. De helft van de Vlaamse centrumsteden plant of overweegt immers praktijktesten op de huurmarkt in te voeren om discriminatie adequaat te bestrijden. Gent en Brussel hanteren ze al, Mechelen en Kortrijk namen ze op in hun bestuursakkoorden, en in Antwerpen werden ze voorgesteld als meetinstrument. En ook steden zoals Genk, Oostende en Leuven overwegen het. Zo wordt de kloof tussen het beleid van de steden en het non-beleid van de bevoegde minister Homans almaar groter. Daar waar minister Homans weigert om vooruit te gaan, zetten de steden zelf de stap om artikel 7 van het Vlaamse huurdecreet afdwingbaar te maken. En zo ontstaat er een Vlaanderen met twee snelheden.

Daarnaast is er nog de verhoging van de huurwaarborg van twee naar drie maanden, die sowieso een grote, negatieve impact zal hebben op de betaalbaarheid en de woonzekerheid op de huurmarkt. De hogere waarborg zal voor mensen die het financieel wat moeilijker hebben, de toegang tot de private huurmarkt ernstig bemoeilijken. De maatregel ondermijnt in essentie het recht op wonen voor de zwaksten in onze maatschappij.

Het nieuwe huurdecreet had een antwoord kunnen zijn op de heersende wooncrisis. Maar dat is het niet. Geen gelijke kansen voor alle Vlamingen om een woning te huren. En geen maatregelen om huren betaalbaar te maken voor de meest kwetsbare huurders. Ook niet na 1 januari. En dat maakt het Vlaamse huurdecreet tot een decreet van gemiste kansen.